Hij likte mijn gezicht, mijn nek, mijn borsten, mijn tepels, mijn buik, pakte mijn benen, ging verder met mijn voeten, mijn tenen, en weer terug naar de plek die leven schonk. Ik wilde dat hij mij kende, écht kende: de leuke dingen en de stomme – en dat hij dan van mij zou houden zoals ik dat van hem deed. ‘O schatje,’ klonk het schor. ‘Wat heb je toch een lekkere kut.’

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.